Je BV opheffen: zo verloopt de liquidatie en dit betaal je aan belasting in 2026

Je bent gestopt met ondernemen, je hebt je activiteiten verkocht of je holding heeft geen functie meer. Dan blijft er een vennootschap over die alleen nog kosten en administratie oplevert. Je BV opheffen klinkt als een formaliteit, maar het is vooral een fiscale beslissing. De BV rekent in haar laatste jaar af over alles wat nog niet is belast. Daarnaast betaal je als aandeelhouder belasting in box 2 over wat je uit de BV krijgt. De datum waarop je de afwikkeling afrondt, bepaalt in welk jaar die belasting valt en of je een verlies nog kunt gebruiken. In dit artikel lees je hoe de opheffing juridisch verloopt, welke belasting de BV en je zelf betalen, welke termijnen hard zijn en wat je vóór de opheffing moet regelen.

Wat betekent het opheffen van een BV precies?

Een BV verdwijnt in twee stappen. Eerst is er de ontbinding: het besluit van de aandeelhoudersvergadering om te stoppen. Daarna volgt de vereffening: de bezittingen worden verkocht, de schulden worden betaald en wat overblijft gaat naar de aandeelhouders. Pas als de vereffening klaar is, houdt de BV op te bestaan. Tussen die twee momenten blijft de BV gewoon bestaan en voert zij achter haar naam de toevoeging “in liquidatie” of “in vereffening” op de website.

Stap 1: de ontbinding

Dit is puur juridisch. Je houdt een aandeelhoudersvergadering en beslist dat je stopt. Dat besluit voer je in via KVK en het Handelsregister. Je BV begint dan officieel met liquideren. Voor belastingdoeleinden is dit het moment waarop de BV haar normale werkzaamheden beëindigt en naar het uitfaseringsstadium gaat.

Stap 2: de vereffening

Dit is waar het werk zit. Je moet:

  • Alle activa verkopen (gebouwen, inventaris, klantbestanden, rechten).
  • Alle schulden betalen (leningen, leveranciersrekeningen, salarisverplichting).
  • Alle belastingschulden voldoen (omzetbelasting, vennootschapsbelasting).
  • Al je personeel ontslaan.
  • Je administratie op orde krijgen en je aangiften doen.

Je benoemt meestal een vervener. Dit kan je accountant zijn, je zelf, of iemand anders. De vervener voert de liquidatie uit onder toezicht van de aandeelhouders. Hoe langer je erover doet, hoe meer kosten de vereffening je kost.

Fiscale gevolgen van opheffing

Voor de BV zelf

De BV doet in haar laatste jaar belastingaangifte over het resultaat van dat jaar. Dat resultaat kun je beïnvloeden: je verkoopt je activa en betaalt je schulden, waarna het verschil — winst of verlies — in aangifte gaat. Veel ondernemers proberen hier verlies te realiseren door waarden af te schrijven of voorraden te ontwaarden.

Let op: dit mag, maar alleen als het economisch gerechtvaardigd is. Je kunt niet zomaar je bedrijfsgebouw op 1 euro waarderen als het eigenlijk 200.000 euro waard is. Hoe beter je dit voorbereidt, hoe eerder je verlies en de bijbehorende belastingbesparing (verliesvoorvoering) kunt realiseren.

\n

Voor jou als aandeelhouder

\n

Als de BV is leeggelopen, krijg je de rest van het geld. Dit is dividend en onderworpen aan box 2-belasting. In 2026 betaal je 24,5% over winsten tot 68.843 euro en 31% daarover. Dit kan je flink raken, afhankelijk van hoeveel geld er nog in de BV zit.

\n

Voorbeeld: Je BV wordt opgeheven met nog 100.000 euro in kas. Je betaalt daar nu 24,5% of 31% box 2-belasting op, dus 24.500 tot 31.000 euro.

\n

Termijnen en harde deadlines

\n

De volgende termijnen zijn niet flexibel:

\n

    \n

  • Inschrijving ontbinding KVK: binnen twee weken na aandeelhoudersvergadering.
  • \n

  • Aangifte vennootschapsbelasting afgeslankte vereffening: binnen twee maanden na jaar waarin opheffing plaatsvindt.
  • \n

  • Aangifte definitieve vereffening: nog voor je de BV uit het Handelsregister haalt (dus na ongeveer een jaar).
  • \n

  • Omzetbelasting tijdens vereffening: je blijft btw-aangifte doen zolang je btw-plichtig bent (meestal tot je laatste btw-aangifte).
  • \n

\n

Waar je voordeel kunt halen

\n

Veel ondernemers laten geld onnodig veel belasting betalen. Enkele ideëen:

\n

1. Realiseer verlies in de BV. Schrijf voorraden af die niet meer verkoopbaar zijn, waarderen jaarrekeningposten realistisch, en verkoop vaste activa met verlies (je auto, je computer). Dit verlies vervalt tegen je winst en bespaart je vennootschapsbelasting.

\n

2. Betaal jezelf uit voor je stopt. Kan je jezelf nog een bonus geven vóór sluiting? Dit verliest de BV geld en bespaart vennootschapsbelasting. Maar opgepast: dit mag alleen als dit econom

Je BV opheffen? Zo werkt de belastingafrekening in box 2 (2026)

Stop je met je BV, dan kijkt de Belastingdienst mee. Bij de liquidatie van een BV volgt altijd een eindafrekening in box 2: soms betaal je belasting, soms levert het juist een aftrekbaar verlies op. In dit artikel lees je in gewone taal hoe dat werkt, met actuele tarieven en rekenvoorbeelden voor 2026.

BV opheffen: wat gebeurt er eigenlijk?

Een BV houdt niet zomaar op te bestaan. Eerst wordt de vennootschap ontbonden (artikel 2:19 BW). Zijn er dan nog bezittingen of schulden, dan blijft de BV bestaan totdat alles is afgewikkeld: de vereffening (artikel 2:23a BW). Tijdens die vereffening worden bezittingen verkocht, schulden betaald en wordt wat overblijft uitgekeerd aan de aandeelhouders.

Dat restbedrag heet het liquidatiesaldo. En juist dat saldo – of het ontbreken ervan – bepaalt hoe de belastingafrekening voor jou uitpakt.

Waarom betaal je belasting bij liquidatie van een BV?

Heb je minimaal 5% van de aandelen in een BV, dan heb je een aanmerkelijk belang. Je inkomsten daaruit vallen in box 2 van de inkomstenbelasting. Denk aan dividend, maar ook aan de winst bij verkoop van je aandelen.

Bij een liquidatie verkoop je je aandelen niet. Toch wil de wetgever voorkomen dat waardestijgingen (of -dalingen) buiten beeld blijven als een BV verdwijnt. Daarom merkt de wet twee situaties aan als een fictieve vervreemding (artikel 4.16, lid 1, Wet IB 2001):

  • Onderdeel c: het betaalbaar stellen van een liquidatie-uitkering telt als vervreemding;
  • Onderdeel g: het niet langer aanwezig zijn van een aanmerkelijk belang telt eveneens als vervreemding.

Kort gezegd: het einde van je aandelenbelang leidt altijd tot een fiscale afrekening – óók als er geen euro wordt uitgekeerd.

Situatie 1: er blijft geld over (positief liquidatiesaldo)

Blijft er na de vereffening geld over voor jou als aandeelhouder, dan is dat een liquidatie-uitkering. Je betaalt alleen belasting over de winst, niet over je eigen inbreng.

Hoe wordt de belaste winst berekend?

Het belaste voordeel is het bedrag dat je ontvangt boven je verkrijgingsprijs (artikel 4.34 in samenhang met artikel 4.19 Wet IB 2001). De verkrijgingsprijs is – simpel gezegd – wat je ooit in de BV hebt gestoken:

  • het gestorte aandelenkapitaal;
  • agio (storting boven de nominale waarde);
  • informele kapitaalstortingen;
  • latere bijstortingen.

Rekenvoorbeeld: belaste winst bij opheffing

Onderdeel Bedrag
Liquidatiesaldo (uitkering) € 220.000
Verkrijgingsprijs aandelen € 150.000
Belast voordeel in box 2 € 70.000

 

Over dit voordeel betaal je in 2026 het box 2-tarief: 24,5% over de eerste € 68.843 en 31% over het meerdere. In dit voorbeeld is dat afgerond € 17.225. Heb je een fiscaal partner, dan geldt het lage tarief zelfs over maximaal € 137.686 aan gezamenlijk box 2-inkomen en blijft de heffing beperkt tot € 17.150.

En de dividendbelasting?

De BV moet bij de uitkering 15% dividendbelasting inhouden, maar alleen over het deel van de uitkering dat uitgaat boven het gemiddeld gestorte kapitaal op de aandelen (artikel 3, lid 1, onderdeel b, Wet DB 1965). Die dividendbelasting ben je niet extra kwijt: zij wordt als voorheffing verrekend met je inkomstenbelasting in box 2.

Situatie 2: er blijft niets over (verlies op je aandelen)

Blijft er na het betalen van alle schulden niets over, dan krijg je als aandeelhouder geen uitkering. Je aanmerkelijk belang houdt op te bestaan (artikel 4.16, lid 1, onderdeel g, Wet IB 2001) en de opbrengst wordt op nihil gesteld.

De verkrijgingsprijs die je nooit hebt terugverdiend, wordt dan een negatief vervreemdingsvoordeel: een verlies uit aanmerkelijk belang. Dit verlies neem je fiscaal in aanmerking op het moment dat de vereffening is voltooid (artikel 4.46, lid 6, Wet IB 2001).

Rekenvoorbeeld: verlies bij opheffing

Onderdeel Bedrag
Liquidatie-opbrengst € 0
Verkrijgingsprijs aandelen € 150.000
Verlies uit aanmerkelijk belang (box 2) € 150.000

 

Er is in deze situatie geen dividendbelasting verschuldigd: er wordt immers niets uitgekeerd.

Wat kun je met een verlies in box 2?

Een box 2-verlies is geld waard, maar je kunt het niet onbeperkt gebruiken. Artikel 4.49 Wet IB 2001 bepaalt hoe het verlies wordt verrekend:

  • Eerst terug: verrekening met box 2-inkomen van het voorafgaande kalenderjaar (carry-back);
  • Dan vooruit: verrekening met box 2-inkomen van de zes volgende kalenderjaren (carry-forward).

Daarna verdampt het verlies in box 2. Voorwaarde is bovendien dat de inspecteur het verlies bij beschikking heeft vastgesteld (artikel 4.50 Wet IB 2001) – controleer dat dus altijd.

Geen aandelen meer? Vraag de belastingkorting aan

Na de opheffing van je enige BV heb je vaak helemaal geen box 2-inkomen meer om het verlies mee te verrekenen. Voor die situatie biedt artikel 4.53 Wet IB 2001 een oplossing. Heb je (en je fiscaal partner) in het kalenderjaar en het voorafgaande jaar geen aanmerkelijk belang meer, dan kun je de Belastingdienst verzoeken het openstaande verlies om te zetten in een belastingkorting van 24,5% van dat verlies.

Die korting verlaagt je belasting in box 1 (inkomen uit werk en woning, zoals loon of AOW). De korting is te benutten in het jaar van omzetting en de zeven jaren daarna, maar uiterlijk tot en met het negende jaar na het verliesjaar.

Voorbeeld: bij een verlies van € 150.000 bedraagt de belastingkorting € 36.750 (24,5%). Dat bedrag gaat rechtstreeks af van je inkomstenbelasting in box 1.

BV onder een holding? Dan werkt het anders

Worden de aandelen in de geliquideerde BV gehouden door je holding, dan valt het resultaat bij de holding in beginsel onder de deelnemingsvrijstelling en blijft heffing op dat niveau achterwege. Een verlies op de deelneming kan bij liquidatie onder voorwaarden wél aftrekbaar zijn via de liquidatieverliesregeling (artikel 13d Wet VPB 1969).

De box 2-afrekening bij jou privé volgt pas wanneer de holding vermogen aan je uitkeert – of zelf wordt geliquideerd. Belastingheffing wordt zo uitgesteld, maar niet definitief voorkomen.

Vijf praktische aandachtspunten bij het opheffen van je BV

  • Stel het juiste moment van de (fictieve) vervreemding vast; bij een verlies is dat de voltooiing van de vereffening.
  • Onderbouw de verkrijgingsprijs zorgvuldig – vooral informele kapitaalstortingen worden vaak vergeten.
  • Controleer of het verlies bij beschikking is vastgesteld door de Belastingdienst.
  • Beoordeel tijdig of verrekening binnen de termijnen haalbaar is, of dat de belastingkorting van artikel 4.53 Wet IB 2001 gunstiger is.
  • Let bij een uitkering op de juiste inhouding en aangifte van dividendbelasting.

Veelgestelde vragen

Betaal ik altijd belasting als ik mijn BV opheffen?

Nee. Je betaalt alleen box 2-belasting als de liquidatie-uitkering hoger is dan je verkrijgingsprijs. Is de uitkering lager of nihil, dan heb je juist een verrekenbaar verlies.

Hoeveel belasting betaal ik in box 2 in 2026?

In 2026 betaal je 24,5% over de eerste € 68.843 aan box 2-inkomen en 31% over het meerdere. Met een fiscaal partner geldt het lage tarief over maximaal € 137.686 gezamenlijk.

Hoe lang is een verlies uit aanmerkelijk belang te verrekenen?

Eén jaar terug en zes jaar vooruit binnen box 2. Heb je geen aanmerkelijk belang meer, dan kun je het restant laten omzetten in een belastingkorting van 24,5% die je box 1-belasting verlaagt.

Moet mijn BV dividendbelasting inhouden bij liquidatie?

Alleen over het deel van de liquidatie-uitkering boven het gemiddeld gestorte kapitaal. Deze 15% wordt verrekend met je inkomstenbelasting.

Conclusie: laat je adviseren vóór de liquidatie

De liquidatie van een BV leidt altijd tot een fiscale eindafrekening in box 2. Bij een positief saldo betaal je belasting over de winst; blijft er niets over, dan ontstaat een verlies dat – mits goed begeleid – veel geld waard kan zijn. Het moment van afwikkeling, de onderbouwing van de verkrijgingsprijs en de keuze tussen verliesverrekening en de belastingkorting maken een groot verschil.

Overweeg je je BV op te heffen? De adviseurs van Taxcount in Den Haag rekenen graag vooraf voor je uit wat de liquidatie fiscaal betekent – en hoe je een verlies optimaal benut. Neem vrijblijvend contact op via www.taxcount.nl.