Vastgoed-B.V. gekocht in twee stappen? Zo werkt de overdrachtsbelasting bij aandelen

Wie aandelen koopt in een B.V. die vooral vastgoed bezit, betaalt vaak overdrachtsbelasting alsof hij het vastgoed zelf koopt. Maar niet altijd. Koop je minder dan een derde van de aandelen, dan blijft de heffing achterwege. Dat klinkt als een handige route, totdat je een tweede stap zet. Aan de hand van een praktijkcasus uit onze adviespraktijk leggen we uit hoe de regels werken, waar de valkuil zit en wat de interne reorganisatievrijstelling wel en niet voor je doet.

De casus: vier kopers, één holding

Vier ondernemers kopen samen alle aandelen in een vastgoed-B.V. (wij noemen haar Vastgoed B.V.). Een van hen, Peter, koopt via zijn werkmaatschappij Ontwikkel B.V. 38 van de 120 aandelen, dus 31,7%. Omdat dat minder is dan een derde, is bij die aankoop geen overdrachtsbelasting verschuldigd. Vijf maanden later verandert het plan: Holding B.V., de persoonlijke holding van Peter en moedermaatschappij van Ontwikkel B.V., koopt alle 120 aandelen. De 82 aandelen van de drie medekopers en de 38 aandelen van de eigen dochter Ontwikkel B.V.

De notaris rekent twee scenario’s voor: overdrachtsbelasting over alle 120 aandelen, of over 82 aandelen omdat de 38 aandelen van de eigen dochter onder de interne reorganisatievrijstelling zouden vallen. Bij een vastgoedwaarde van EUR 3.000.000 en het woningtarief van 8% scheelt dat EUR 76.000. De vraag aan ons: kan de vrijstelling worden toegepast, en klopt het plaatje?

 

Tijdlijn van de casus: wat er bij elke stap gebeurt met de overdrachtsbelasting.

Regel 1: aandelen in een vastgoed-B.V. tellen als vastgoed

De Wet op belastingen van rechtsverkeer merkt aandelen in een zogeheten onroerendezaakrechtspersoon aan als fictieve onroerende zaak (artikel 4 lid 1). Dat is, kort gezegd, een B.V. waarvan de bezittingen voor meer dan de helft uit vastgoed bestaan, voor minimaal 30% uit Nederlands vastgoed, en die dat vastgoed hoofdzakelijk exploiteert, verkoopt of aankoopt. Koop je zulke aandelen, dan betaal je overdrachtsbelasting over de waarde van het vastgoed dat de aandelen vertegenwoordigen (artikel 10). Niet over de koopprijs van de aandelen en zonder aftrek van de schulden van de B.V. Dat verschil wordt in de praktijk vaak onderschat.

Het tarief hangt af van het vastgoed: in 2026 is dat 8% voor woningen die niet als eigen hoofdverblijf worden gebruikt, ook als je ze via aandelen koopt, en 10,4% voor ander vastgoed (artikel 14). Voor nieuw gebouwd, met btw geleverd vastgoed dat via aandelen wordt gekocht, kan onder voorwaarden een tarief van 4% gelden.

Regel 2: de grens van een derde

Er wordt alleen geheven als de koper na de aankoop, samen met wat hij al had en samen met verbonden vennootschappen of personen, een belang van minimaal een derde heeft (artikel 4 lid 3). Peter’s Ontwikkel B.V. bleef met 31,7% onder die grens. Daarom was de eerste aankoop onbelast. Let op: de grens wordt getoetst op het totale belang na de aankoop, niet op het gekochte pakket. Wie 32% heeft en 5% bijkoopt, betaalt over die 5%.

Regel 3: de tweejaarssamentelling, de eigenlijke valkuil

Hier gaat het in de casus om. Aankopen binnen twee jaar door dezelfde koper, of door een vennootschap uit hetzelfde concern, worden door de wet gezien als één samenhangende aankoop (artikel 4 lid 5 onderdeel b). Tegenbewijs is niet mogelijk. Zodra Holding B.V. de overige aandelen koopt, komt het concern binnen twee jaar op 100%. Daardoor wordt de aankoop van de 38 aandelen door Ontwikkel B.V. van vijf maanden eerder alsnog belast, naar de waarde van het vastgoed op dat moment. Ontwikkel B.V. moet daarvoor alsnog aangifte doen en betaalt mogelijk belastingrente.

Zit er meer dan twee jaar tussen, dan geldt de automatische samentelling niet. Maar ook dan kan de Belastingdienst heffen over de eerste aankoop als zij aantoont dat beide aankopen al bij de eerste stap met elkaar samenhingen, bijvoorbeeld door een optie, een afspraak of een vastgelegd plan. Het verschil is de bewijslast: binnen twee jaar hoeft de inspecteur niets te bewijzen, daarna wel.

Regel 4: de interne reorganisatievrijstelling

Overdrachten van vastgoed, en dus ook van aandelen in een vastgoed-B.V., tussen vennootschappen binnen één concern zijn vrijgesteld (artikel 15 lid 1 onderdeel h van de wet en artikel 5b van het Uitvoeringsbesluit). Een concern bestaat uit een topvennootschap en alle vennootschappen waarin zij, direct of indirect via aandelen, minimaal 90% van het belang houdt. Het gaat om het werkelijke economische belang: bij verschillende soorten aandelen of gecertificeerde aandelen moet je goed kijken.

In de casus kan Holding B.V. de 38 aandelen dus vrijgesteld van haar dochter overnemen, mits zij minimaal 90% in Ontwikkel B.V. houdt. Omdat de aandelen van dochter naar moeder gaan (een overdracht omhoog), geldt de gebruikelijke eis dat de structuur drie jaar in stand blijft hier niet. Wel geldt een voortzettingseis van drie jaar als de dochter pas kort geleden, zonder heffing, tot het concern is gaan behoren en de aandelen al had voordat zij toetrad.

Maar let op de samenhang met regel 3. Hetzelfde concernbegrip dat de vrijstelling mogelijk maakt, zorgt voor de samentelling. Wie de concernverhouding aantoont om de vrijstelling te krijgen, bevestigt daarmee ook dat de eerste aankoop alsnog wordt belast. De vrijstelling voorkomt dat het 38/120-deel twee keer wordt belast, niet dat het één keer wordt belast. De besparing van EUR 76.000 uit de notariële berekening is voor de groep als geheel dus grotendeels een verschuiving: wie betaalt, wanneer en naar welke waarde. Het echte voordeel is dat over dat deel wordt geheven naar de waarde van vijf maanden eerder, niet naar de huidige waarde.

Wat wij de klant adviseerden

  • Bevestig de concernverhouding met het aandeelhoudersregister en de statuten van de dochter en neem het beroep op de vrijstelling op in de akte.
  • Reken erop dat de eerste aankoop alsnog wordt belast en regel die aangifte in overleg met de notaris, zodat er geen naheffing met rente en boete op de deurmat valt.
  • Controleer de grondslag: de waarde van het vastgoed zelf, met een taxatie, niet de koopprijs van de aandelen.
  • Controleer het tarief: 8% alleen voor zover het om woningen gaat, 10,4% voor de rest, en check of het 4%-tarief voor nieuw btw-vastgoed speelt.
  • Houd de zesmaandstermijn van artikel 13 in de gaten: bij een tweede overdracht van dezelfde aandelen binnen zes maanden na een belaste eerste overdracht wordt de grondslag verminderd. Dat is een vangnet als de vrijstelling onverhoopt niet kan worden toegepast.
  • Creëer geen concernverhouding op het laatste moment om de vrijstelling te kunnen inroepen. Dan geldt de voortzettingseis en loopt u het risico op fraus legis; de Hoge Raad heeft dat in 2017 in een vergelijkbare constructie aangenomen.

De les voor iedere koper van een vastgoed-B.V.

Wie in stappen aandelen koopt in een vastgoed-B.V., moet niet alleen kijken naar de aankoop van vandaag maar ook twee jaar terug en twee jaar vooruit. Bepaal vooraf via welke vennootschap je koopt, zodat je later niet hoeft te herstructureren. En laat een adviseur de grondslag en het tarief toetsen voordat de akte passeert: het gaat al snel om tienduizenden euro’s.

Veelgestelde vragen

Wanneer is een B.V. een vastgoed-B.V. voor de overdrachtsbelasting?

Als de bezittingen op het moment van de aankoop, of op enig moment in het jaar daarvoor, voor meer dan de helft uit vastgoed bestaan, voor minimaal 30% uit Nederlands vastgoed, en dat vastgoed als geheel hoofdzakelijk dient voor exploitatie, verkoop of aankoop van vastgoed. Bezittingen van deelnemingen van een derde of meer worden naar rato meegeteld.

Betaal ik overdrachtsbelasting als ik precies een derde koop?

Ja. De grens is “ten minste een derde gedeelte”. Precies een derde is dus belast, iets minder niet.

Kan ik de heffing ontlopen door de aankoop te splitsen over twee vennootschappen?

Nee. Aankopen door verbonden vennootschappen tellen mee voor de grens, en aankopen binnen twee jaar binnen hetzelfde concern worden automatisch samengeteld.

Waarover wordt de overdrachtsbelasting berekend bij aandelen?

Over de waarde van het vastgoed dat de aandelen vertegenwoordigen, naar rato van het gekochte belang. Niet over de koopprijs van de aandelen, en schulden van de B.V. worden niet afgetrokken.

Wat is de interne reorganisatievrijstelling precies?

Een vrijstelling voor overdrachten van vastgoed of vastgoedaandelen tussen vennootschappen die tot hetzelfde concern behoren (minimaal 90% belang). Meestal geldt een aanhoudingseis van drie jaar; bij een overdracht van dochter naar moeder niet.

Geldt de zesmaandsregeling ook voor aandelen?

Ja. Aandelen in een vastgoed-B.V. en het onderliggende vastgoed worden voor die regeling als dezelfde goederen gezien.

Koopt u aandelen in een vastgoed-B.V.?

Taxcount adviseert ondernemers en beleggers over de overdrachtsbelasting bij aandelentransacties, herstructureringen en vastgoedaankopen. Wij toetsen vooraf de 1/3-grens, de samentelling, de vrijstellingen, de grondslag en het tarief, en stemmen de akte af met uw notaris. Download onze checklist “Overdrachtsbelasting bij aandelen in een vastgoed-B.V.” of neem contact op via www.taxcount.nl. Taxcount B.V., Lange Voorhout 86, 2514 EJ Den Haag.

Dit artikel bevat algemene informatie op basis van de wet- en regelgeving zoals die geldt op 8 september 2026 en is geen advies. Tarieven en grenzen wijzigen jaarlijks. De casus is geanonimiseerd en op onderdelen vereenvoudigd. Laat uw eigen situatie altijd beoordelen door een adviseur.

Reorganisatievrijstellingen in de overdrachtsbelasting: vastgoed verplaatsen bij een fusie, splitsing of reorganisatie zonder belasting

Wil je vastgoed binnen je concern verplaatsen, twee bv’s laten fuseren, een bedrijfsonderdeel afsplitsen of samen met een compagnon uit elkaar gaan? Bij zulke reorganisaties zit er vaak een bedrijfspand of een vastgoed-bv in de structuur. Over de overgang daarvan betaal je normaal overdrachtsbelasting, tegen 10,4% voor bedrijfsvastgoed. Bij een reorganisatie verandert er economisch echter vaak niets: het vastgoed blijft binnen dezelfde groep of gaat mee met de onderneming. De wet kent daarom vijf vrijstellingen die de heffing achterwege laten. In dit artikel lees je welke vrijstellingen er zijn, welke voorwaarden gelden en waar je in 2026 op moet letten.

Wat is overdrachtsbelasting bij een reorganisatie?

Wie in Nederland een gebouw of grond verkrijgt, betaalt overdrachtsbelasting. Ook het verkrijgen van aandelen in een bv die vooral vastgoed bezit, kan belast zijn; zo’n bv heet een onroerendezaakrechtspersoon. Bij een reorganisatie zou die heffing een zakelijke herstructurering onnodig duur maken. De wet zegt daarom dat de keuze van de rechtsvorm en de plek van het vastgoed in de structuur niet mag stuiten op overdrachtsbelasting, zolang de reorganisatie zakelijk is en het belang bij het vastgoed niet wezenlijk verschuift.

De vijf vrijstellingen op een rij

Er zijn vijf reorganisatievrijstellingen. Welke van toepassing is, hangt af van de vorm van de reorganisatie. Figuur 1 zet ze naast elkaar met de belangrijkste voorwaarde per vrijstelling.

Figuur 1: de vijf reorganisatievrijstellingen (juridische fusie, bedrijfsfusie, interne reorganisatie, splitsing en taakoverdracht) met de kernvoorwaarde per vrijstelling.

Juridische fusie

Twee of meer rechtspersonen gaan juridisch samen; het vermogen van de verdwijnende rechtspersoon gaat in één keer over op de blijvende. Dit kan ook tussen stichtingen, verenigingen of pensioenfondsen. Er geldt geen eis dat er een onderneming wordt gedreven, maar de fusie moet wel hoofdzakelijk (ten minste 70%) plaatsvinden op grond van zakelijke overwegingen.

Bedrijfsfusie

Een bv of nv brengt haar hele onderneming of een zelfstandig onderdeel daarvan in in een andere vennootschap en krijgt in ruil aandelen. Het pand dat bij die onderneming hoort, gaat mee zonder overdrachtsbelasting.

Interne reorganisatie

Binnen je concern verplaats je vastgoed of een vastgoed-bv van de ene groepsvennootschap naar de andere (zie figuur 2). Een concern is hier een topvennootschap met alle vennootschappen waarin zij vrijwel het hele belang (ten minste 90%) heeft. Let op: natuurlijke personen horen nooit tot een concern, en een stichting administratiekantoor kan niet als top van het concern gelden.

Figuur 2: de interne reorganisatie: vastgoed verplaatst binnen het concern (belang ten minste 90% in elke schakel) blijft onbelast; een natuurlijk persoon hoort niet tot het concern.

Splitsing

Een rechtspersoon wordt gesplitst, bijvoorbeeld om een divisie te verzelfstandigen of omdat twee aandeelhouders uit elkaar gaan (een ruziesplitsing). Sinds 1 juli 2025 gelden hier strengere regels; daarover verderop meer.

Taakoverdracht tussen goede doelen

Draagt een goededoeleninstelling (anbi) of vereniging een taak met bijbehorend vastgoed en schulden over aan een andere anbi of vereniging, dan is dat onder voorwaarden vrijgesteld. Woningcorporaties gebruiken deze vrijstelling regelmatig. Voorwaarde is dat commerciële factoren geen rol spelen.

De twee kernvoorwaarden

Aan alle vrijstellingen zitten voorwaarden om misbruik te voorkomen. Twee soorten zijn het belangrijkst (zie figuur 3).

De eerste is een zakelijke reden. De reorganisatie moet echt bedrijfsmatig nodig zijn. Alleen belasting besparen is niet genoeg; de fiscus kan de vrijstelling dan weigeren.

De tweede is drie jaar rust. Je mag de aandelen die je bij de reorganisatie krijgt drie jaar niet verkopen, en de activiteiten moeten drie jaar doorgaan. Doe je dat niet, dan is de belasting alsnog verschuldigd. Dat heet in de praktijk een “clawback”. Er zijn wel uitzonderingen als je binnen die periode een volgende gefacilieerde stap zet, bijvoorbeeld een opvolgende fusie of splitsing.

Figuur 3: de driejaarseis. Verkoop je de aandelen of stop je de activiteiten binnen drie jaar, dan volgt een clawback; zet je een volgende gefacilieerde stap, dan blijft die achterwege.

Je moet de vrijstelling zelf inroepen in de aangifte overdrachtsbelasting. Bij een notariële akte zorgt de notaris hiervoor; verkrijg je aandelen in een vastgoed-bv, dan ligt de verantwoordelijkheid bij jezelf.

Aandelen in een vastgoed-bv

De vrijstellingen gelden niet alleen voor de overgang van een pand zelf, maar ook voor aandelen in een onroerendezaakrechtspersoon: een bv waarvan het bezit grotendeels uit vastgoed bestaat. Verkrijg je zulke aandelen bij een fusie of splitsing, dan kan ook dat zijn vrijgesteld. Zo voorkomt de wet dat een reorganisatie via aandelen duurder uitpakt dan een reorganisatie met losse panden.

Rekenvoorbeeld: een ruziesplitsing

A en B hebben elk 50% van de aandelen in X bv. X bv bezit twee panden: pand 1 is 600.000 euro waard en pand 2 is 400.000 euro. Samen dus 1.000.000 euro, waarvan het belang van A en van B elk 500.000 euro is. X bv wordt gesplitst: A krijgt een bv met pand 1, B krijgt een bv met pand 2 (zie figuur 4).

Sinds 1 juli 2025 wordt per pand gekeken. A krijgt pand 1 (600.000 euro), terwijl zijn belang daarin eerst 300.000 euro was (de helft). Zijn belang stijgt dus met 300.000 euro en over dat bedrag is A overdrachtsbelasting verschuldigd. B krijgt pand 2 (400.000 euro), waar zijn belang eerst 200.000 euro was; over de resterende 200.000 euro betaalt B belasting.

Figuur 4: de ruziesplitsing. Sinds 1 juli 2025 wordt per pand getoetst, waardoor A en B allebei belasting betalen; onder de oude portefeuillebenadering betaalde alleen A, en wel over 100.000 euro.

Onder de oude regels, die golden tot 1 juli 2025, werd naar de hele portefeuille gekeken. Dan betaalde alleen A belasting, en wel over 100.000 euro. De nieuwe regel per pand pakt dus duurder uit. Reken een ruziesplitsing daarom vooraf goed door.

Let op: strengere splitsingsregels sinds 1 juli 2025

Voor splitsingen vanaf 1 juli 2025 gelden extra eisen. De verkrijgende rechtspersoon moet een hele onderneming of een zelfstandig onderdeel krijgen, waarbij het pand bij die onderneming hoort en eraan dienstbaar is. Beleggingsvastgoed valt daar in beginsel buiten. Ook geldt dat de aandeelhouders een gelijkwaardig belang moeten houden en, bij een ruziesplitsing, per pand wordt getoetst. Het gevolg is dat het afsplitsen van los beleggingsvastgoed vóór een bedrijfsoverdracht vaak niet meer onder de vrijstelling valt. Plan je een splitsing, laat de nieuwe regels dan vooraf toetsen.

Praktische checklist: wat je moet regelen

  • Kies de juiste vrijstelling: stel vast of het gaat om een juridische fusie, bedrijfsfusie, interne reorganisatie, splitsing of taakoverdracht. Bij samenloop is soms een keuze mogelijk, maar je bent daar ook voor de toekomst aan gebonden.
  • Onderbouw de zakelijke reden: leg vast waarom de reorganisatie bedrijfsmatig nodig is. Bij een juridische fusie geldt de eis van hoofdzakelijk zakelijke overwegingen (ten minste 70%).
  • Bewaak de driejaarstermijn: verkoop de verkregen aandelen drie jaar niet en zet de activiteiten voort. Plan een eventuele vervolgstap binnen een uitzondering.
  • Toets het concernbegrip: voor de interne reorganisatie geldt een belang van ten minste 90%. Controleer of alle schakels aan die eis voldoen.
  • Reken een ruziesplitsing per pand door: sinds 1 juli 2025 wordt per onroerende zaak getoetst; dit kan tot heffing leiden waar dat vroeger niet zo was.
  • Doe een beroep bij de aangifte: vermeld de vrijstelling uitdrukkelijk in de akte en de aangifte, met datum en nummer van het toepasselijke besluit waar dat vereist is.

Veelgestelde vragen

Betaal ik overdrachtsbelasting als ik vastgoed binnen mijn concern verplaats?

Vaak niet. De interne reorganisatievrijstelling stelt de overgang binnen een concern (belang ten minste 90%) vrij. Je moet de aandelen wel drie jaar aanhouden en de activiteiten voortzetten, anders volgt alsnog een aanslag.

Geldt de vrijstelling ook bij een fusie tussen stichtingen?

Ja. Bij een juridische fusie geldt geen ondernemingseis, dus ook stichtingen, verenigingen en pensioenfondsen kunnen vrij van overdrachtsbelasting fuseren, mits de fusie hoofdzakelijk zakelijk is.

Wat is een clawback?

Dat is de terugname van de vrijstelling. Verkoop je de verkregen aandelen binnen drie jaar of stop je de activiteiten, dan is de eerder niet-geheven overdrachtsbelasting alsnog verschuldigd. Er zijn uitzonderingen bij een opvolgende gefacilieerde reorganisatie.

Is een aandelenfusie ook vrijgesteld?

De overdrachtsbelasting kent geen aparte aandelenfusievrijstelling. In uitzonderlijke gevallen kan een aandelenfusie via de bedrijfsfusievrijstelling lopen. Laat dit per situatie beoordelen.

Waarom pakt een ruziesplitsing sinds 2025 duurder uit?

Sinds 1 juli 2025 wordt per pand gekeken in plaats van naar de hele portefeuille. Daardoor kan bij vrijwel elke ruziesplitsing waarbij het belang per pand verschuift, overdrachtsbelasting ontstaan.

Hoe Taxcount je kan helpen

De reorganisatievrijstellingen kunnen een fusie, splitsing of herstructurering fiscaal soepel laten verlopen, maar de voorwaarden zijn technisch en sinds 1 juli 2025 op onderdelen strenger geworden. Een verkeerde vormgeving of een te vroege verkoop van aandelen kan de vrijstelling doen vervallen. Taxcount beoordeelt welke vrijstelling past bij je reorganisatie, onderbouwt de zakelijke reden, bewaakt de driejaarstermijnen en het concernbegrip, en rekent een splitsing vooraf door zodat je niet voor verrassingen komt te staan. Plan je een fusie, een interne reorganisatie of een bedrijfsoverdracht? Laat de opzet dan vooraf door ons toetsen.

Dit artikel bevat algemene informatie en is geen fiscaal of juridisch advies. Tarieven, drempels en voorwaarden kunnen wijzigen. Of een vrijstelling in je geval geldt, hangt af van je persoonlijke situatie en van de exacte vormgeving van de reorganisatie. Laat je situatie daarom altijd vooraf beoordelen door een adviseur.

Zie ook: