Heeft u een holding met daaronder een of meer werk-bv’s, dan is de deelnemingsvrijstelling waarschijnlijk de belangrijkste fiscale regeling voor u. De deelnemingsvrijstelling zorgt ervoor dat dividend en verkoopwinst uit een dochtervennootschap bij uw holding onbelast blijven. Zo betaalt u niet twee keer vennootschapsbelasting over dezelfde winst. In dit artikel leest u wanneer sprake is van een deelneming, wat er wel en niet onder de vrijstelling valt, en waar u op moet letten om verrassingen te voorkomen.
Wat is de deelnemingsvrijstelling?
Als een bv winst maakt, betaalt zij daarover vennootschapsbelasting. Keert die bv de winst daarna als dividend uit aan haar moeder-bv, dan zou de moeder er nog een keer belasting over betalen. Datzelfde speelt bij de verkoop van een dochter: de verkoopwinst weerspiegelt vaak winst die al belast is of nog belast wordt. De deelnemingsvrijstelling voorkomt die dubbele heffing. Voordelen uit een deelneming, zoals dividend en verkoopwinst, blijven bij de moeder buiten de winst en dus onbelast.
De vrijstelling werkt twee kanten op. Niet alleen winst en dividend zijn vrijgesteld, ook een verlies op de deelneming is niet aftrekbaar, en de kosten van aankoop of verkoop van de deelneming zijn dat evenmin. Wie een deelneming met winst verkoopt, hoeft dus niets af te rekenen. Wie hem met verlies verkoopt, kan dat verlies in beginsel niet aftrekken.
Wanneer is sprake van een deelneming?
Er is sprake van een deelneming bij een belang van ten minste 5 procent van het nominaal gestorte kapitaal in een vennootschap. Dat kan een Nederlandse of een buitenlandse vennootschap zijn. Ook een belang van 5 procent in een fonds voor gemene rekening telt mee, en bij een coöperatie is elk lidmaatschap al genoeg. Voor bepaalde belangen in EU-vennootschappen kan onder voorwaarden ook het stemrecht meetellen.
Zakt uw belang onder de 5 procent, dan is er in beginsel geen deelneming meer. Er geldt echter een aflooptermijn van drie jaar als u het belang daarvoor meer dan een jaar onafgebroken boven de 5 procent hield. In die periode blijft de vrijstelling nog gelden. De beslisboom in figuur 1 laat zien hoe u stap voor stap beoordeelt of uw belang onder de vrijstelling valt.
Figuur 1: beslisboom in vier stappen. U toetst achtereenvolgens of u ten minste 5 procent van het nominaal gestorte kapitaal houdt, of u het belang als belegging houdt, of de dochter laagbelast is en of sprake is van een kwalificerende beleggingsdeelneming. Groen betekent dat de vrijstelling geldt, rood dat die niet geldt.
Rekenvoorbeeld
Een holding bezit 100 procent van de aandelen in een werk-bv. De werk-bv maakt 500.000 euro winst, betaalt daarover vennootschapsbelasting en keert 300.000 euro als dividend uit aan de holding. Door de deelnemingsvrijstelling is dat dividend van 300.000 euro bij de holding volledig onbelast. Verkoopt de holding de werk-bv later voor 2.000.000 euro meer dan de aankoopprijs, dan is ook die verkoopwinst van 2.000.000 euro vrijgesteld (zie figuur 2).

Figuur 2: rekenvoorbeeld van een holding met een werk-bv. Links keert de werk-bv uit een winst van 500.000 euro een dividend van 300.000 euro uit, rechts verkoopt de holding de werk-bv met 2.000.000 euro verkoopwinst. In beide gevallen betaalt de holding 0 euro vennootschapsbelasting, dus blijft 2.300.000 euro onbelast binnen de holding.
Wanneer geldt de vrijstelling niet?
De deelnemingsvrijstelling geldt niet altijd. Houdt u een belang als belegging en is de dochter laagbelast, dan is er sprake van een beleggingsdeelneming. In dat geval geldt de vrijstelling in beginsel niet. Er is dan pas toch vrijstelling als het een kwalificerende beleggingsdeelneming is: de dochter wordt naar Nederlandse begrippen reëel belast, of haar bezittingen bestaan doorgaans voor minder dan de helft uit laagbelaste beleggingen. Dit onderscheid speelt vooral bij internationale structuren. Ook een fiscale beleggingsinstelling valt buiten de vrijstelling. Deze afwegingen ziet u terug in de beslisboom (figuur 1).
Waar u verder op moet letten
Verandert het regime van een belang, bijvoorbeeld doordat een deelneming een beleggingsdeelneming wordt of andersom, dan moet u het resultaat splitsen over de perioden waarin de vrijstelling wel en niet gold. Dat heet compartimenteren. Let ook op eerder afgewaardeerde vorderingen op de dochter: bij verkoop of omzetting daarvan kan een bijtelling volgen. Deze onderwerpen zijn technisch, dus laat ze bij twijfel beoordelen door een adviseur.
Wat levert de vrijstelling op?
De waarde van de vrijstelling hangt samen met het tarief van de vennootschapsbelasting. In 2026 is dat tarief 19 procent over de winst tot 200.000 euro en 25,8 procent over het meerdere. Doordat dividend en verkoopwinst onbelast blijven, kan de deelnemingsvrijstelling bij een bedrijfsverkoop of een winstuitkering binnen het concern een zeer groot voordeel opleveren.
Praktische checklist: wat u moet regelen
- Belang toetsen. Ga na of u ten minste 5 procent van het nominaal gestorte kapitaal houdt; alleen dan is er een deelneming.
- Karakter bepalen. Beoordeel of u het belang als belegging houdt en of de dochter laagbelast is; dat bepaalt of de vrijstelling geldt.
- Kosten juist verwerken. Houd aan- en verkoopkosten van de deelneming en een deelnemingsverlies buiten aftrek.
- Regimewijziging signaleren. Verandert de status van een deelneming, laat dan de compartimentering beoordelen.
- Vorderingen bewaken. Let bij een eerder afgewaardeerde vordering op de dochter op een mogelijke bijtelling bij verkoop of omzetting.
Veelgestelde vragen
Vanaf welk percentage geldt de deelnemingsvrijstelling?
Vanaf een belang van 5 procent van het nominaal gestorte kapitaal in een vennootschap. Bij een coöperatie is elk lidmaatschap al voldoende.
Is dividend uit mijn werk-bv onbelast?
Ja, als de deelnemingsvrijstelling van toepassing is, blijft het dividend dat uw holding uit de werk-bv ontvangt onbelast in de vennootschapsbelasting.
Is de verkoopwinst van een dochter belast?
Nee, als de deelnemingsvrijstelling geldt, is de winst bij verkoop van de deelneming vrijgesteld. Een verlies bij verkoop is dan echter ook niet aftrekbaar.
Wat is een beleggingsdeelneming?
Een deelneming die u als belegging houdt in een laagbelaste vennootschap. Daarop geldt de vrijstelling in beginsel niet, tenzij het een kwalificerende beleggingsdeelneming is.
Zijn de aankoopkosten van een deelneming aftrekbaar?
Nee. De kosten van aankoop en verkoop van een deelneming vallen onder de vrijstelling en zijn niet aftrekbaar van de winst.
Hoe Taxcount u kan helpen
Taxcount beoordeelt of uw belangen onder de deelnemingsvrijstelling vallen, ook bij internationale structuren en beleggingsdeelnemingen. Wij helpen u bij de opzet van een holdingstructuur, bij de verwerking van dividend en verkoopwinst in de aangifte vennootschapsbelasting en bij lastige onderwerpen zoals compartimentering en afgewaardeerde vorderingen. Overweegt u een herstructurering of verkoop? Laat uw situatie vooraf door ons beoordelen.
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen fiscaal advies. Tarieven, bedragen en drempels kunnen wijzigen en de uitkomst hangt af van uw persoonlijke situatie. Laat u adviseren voordat u beslissingen neemt.