Bijna iedereen die in Nederland belasting betaalt, heeft recht op heffingskortingen: kortingen die uw belastingaanslag rechtstreeks verlagen. Toch laten veel mensen elk jaar geld liggen, omdat een deel van die kortingen alleen bij u terechtkomt als u er zelf om vraagt. In dit artikel leest u welke heffingskortingen er in 2026 zijn, hoeveel ze bedragen en, belangrijker nog, hoe u voorkomt dat een korting verloren gaat. We leggen uit waarom u zonder aangifte een teruggaaf kunt mislopen, wat er misgaat bij twee banen en welke ruimte u als ondernemer, DGA of partner hebt om meer uit uw kortingen te halen. Zo weet u precies wat u praktisch moet regelen.
Wat is een heffingskorting?
Uw belasting wordt in twee stappen berekend. Eerst wordt de belasting over box 1, 2 en 3 bij elkaar opgeteld. Daarna gaan de heffingskortingen daarvan af. Een heffingskorting verlaagt dus niet uw inkomen, maar direct het bedrag dat u aan belasting en premies betaalt. Eén euro korting is één euro minder betalen. Dat maakt heffingskortingen waardevoller dan een aftrekpost van hetzelfde bedrag.
De meeste heffingskortingen zijn inkomensafhankelijk. Ze bouwen op naarmate u meer werkt, of ze bouwen juist af naarmate uw inkomen stijgt. Daardoor verandert het bedrag dat u krijgt van jaar tot jaar met uw situatie.
Welke heffingskortingen zijn er in 2026?
De wet kent zeven heffingskortingen. Samen vormen zij de standaardheffingskorting. Niet iedereen heeft recht op alle zeven; het hangt af van uw inkomen, uw leeftijd en uw gezinssituatie. Het overzicht hieronder laat de belangrijkste bedragen voor 2026 zien, en of de korting al automatisch in uw loon wordt verwerkt (zie figuur 1).

Figuur 1: De zeven heffingskortingen in 2026 met hun maximumbedragen en of ze automatisch in uw loon zitten. De twee blauw gemarkeerde kortingen, de combinatiekorting en de korting groene beleggingen, moet u zelf aanvragen.
De twee bekendste kortingen zijn de algemene heffingskorting en de arbeidskorting. De algemene heffingskorting krijgt vrijwel iedere belastingplichtige. Zij bedraagt in 2026 maximaal 3.115 euro en daalt met 6,398% van het deel van uw verzamelinkomen boven 29.736 euro. Vanaf een inkomen van ongeveer 78.400 euro is zij nihil. De arbeidskorting krijgt u als u werkt. Zij loopt op tot maximaal 5.685 euro en daalt daarna met 6,51% van het arbeidsinkomen boven 45.592 euro, tot zij bij ongeveer 132.900 euro op nihil uitkomt.
De inkomensafhankelijke combinatiekorting is er voor werkende ouders met een jong kind. Zij bedraagt in 2026 maximaal 3.032 euro. De ouderenkorting (maximaal 2.067 euro) en de alleenstaande ouderenkorting (540 euro) gelden vanaf de AOW-leeftijd. De jonggehandicaptenkorting (923 euro) is er voor wie recht heeft op een Wajong-uitkering. De korting voor groene beleggingen is klein (ongeveer 27 euro per persoon) en verdwijnt bovendien na 2027, dus alleen 2026 is nog interessant.
Waarom u nooit meer korting krijgt dan u aan belasting betaalt
Er zit een rem op de heffingskortingen. U krijgt nooit meer korting dan het bedrag dat u werkelijk aan belasting en premies verschuldigd bent. Wie weinig inkomen heeft, kan zijn korting dus niet helemaal benutten. Het deel dat u niet kunt gebruiken, vervalt. Dat treft vooral mensen met een laag inkomen, en het kan ook gebeuren als u een grote aftrekpost of een verlies in mindering brengt: daardoor daalt de belasting die u verschuldigd bent, en daarmee de ruimte om kortingen tegen af te zetten.
Er is één uitzondering. Verdient u weinig en heeft uw partner een goed inkomen, dan kan de algemene heffingskorting soms via uw partner worden uitbetaald. Sinds 2023 geldt die uitbetaling alleen nog voor mensen die geboren zijn voor 1 januari 1963. Voor jongere partners vervalt de onbenutte korting. Volgens de plannen van het kabinet komt er vanaf naar verwachting 2028 een gedeeltelijke uitbetaling terug voor jongere partners, maar dat is nu nog geen geldend recht.
De grootste gemiste kans: een teruggaaf die u zelf moet ophalen
Uw werkgever of uitkeringsinstantie verwerkt een deel van uw heffingskortingen al maandelijks in de loonheffing. Dat gebeurt alleen als u daarvoor een verzoek hebt gedaan, en het mag maar bij één werkgever tegelijk. Wat er te veel is ingehouden, is een voorheffing die u met uw aanslag verrekent. Maar dat gaat niet vanzelf: zonder aangifte of voorlopige teruggaaf wordt dat bedrag niet aan u uitbetaald. Bij een teruggaaf van 18 euro of minder blijft de aanslag zelfs op nul staan.
Dit is de meest voorkomende gemiste kans. Wie een deel van het jaar heeft gewerkt, bij geen enkele werkgever de korting liet toepassen, of een korting heeft die niet in het loon zit, heeft vaak recht op geld terug. Vooral scholieren, studenten, seizoenswerkers en herintreders lopen zo elk jaar een teruggaaf mis. Herkent u een van de vier situaties hierna, dan is aangifte doen de moeite waard (zie figuur 2).

Figuur 2: Vier situaties waarin u een teruggaaf kunt mislopen. Herkent u er één, dan levert een aangifte of een voorlopige teruggaaf u geld op; zonder aangifte betaalt de Belastingdienst het te veel ingehouden bedrag niet uit.
Het goede nieuws: u kunt tot vijf jaar terug alsnog aangifte doen. Voor 2026 betekent dat dat de jaren 2021 tot en met 2026 nog openstaan (zie figuur 3). Een aangifte binnen die termijn verplicht de Belastingdienst om een aanslag op te leggen en de te veel ingehouden belasting terug te betalen. Dat kan zomaar vijf keer hetzelfde bedrag opleveren in plaats van één keer. Let op: dit werkt alleen zolang er over dat jaar nog geen definitieve aanslag ligt. Ligt die er al, dan is herstel vaak niet meer mogelijk.

Figuur 3: Over de jaren 2021 tot en met 2026 kunt u nog aangifte doen, zolang er over dat jaar nog geen definitieve aanslag ligt. Jaren ouder dan vijf jaar zijn gesloten. Elk jaar schuift deze termijn een jaar op.
Kortingen die niet in uw loon zitten
Twee kortingen worden nooit automatisch in de loonheffing verwerkt: de inkomensafhankelijke combinatiekorting en de korting voor groene beleggingen. Die krijgt u dus alleen via de aangifte of een voorlopige teruggaaf. Een ouder met een kind onder de 12 jaar en een lager arbeidsinkomen dan de partner loopt zonder aangifte tot 3.032 euro mis. Dat is geen klein bedrag, en het is puur een kwestie van het op de juiste plek invullen.
Ook de jonggehandicaptenkorting en sommige verschillen tussen loon en aangifte moet u soms zelf rechttrekken. Wie recht heeft op een Wajong-uitkering, heeft recht op de jonggehandicaptenkorting, ook als die niet in het loon is verwerkt. Bewaar in dat geval de stukken van het UWV waaruit dat recht blijkt.
Meer halen uit uw kortingen als partners
Heeft u een fiscale partner, dan kunt u samen sturen. U mag een aantal inkomsten en aftrekposten vrij tussen u beiden verdelen: de eigen woning, box 2-inkomen, de grondslag van box 3 en de persoonsgebonden aftrek. Door slim te verdelen kunt u de heffingskortingen van de partner met het laagste inkomen activeren en tegelijk voorkomen dat de algemene heffingskorting van de andere partner te ver wordt afgebouwd. Die keuze maakt u elk jaar opnieuw bij de aangifte, en u mag haar nog wijzigen zolang beide aanslagen niet definitief vaststaan.
Voor een DGA speelt daarnaast de verhouding tussen loon en dividend. Omdat ook de belasting over box 2 en box 3 meetelt bij het bepalen van de ruimte voor uw kortingen, kan een DGA met een laag salaris zijn korting soms alsnog benutten door in dat jaar dividend uit te keren. Laat die afweging altijd doorrekenen, want het samenspel met andere regelingen is gevoelig.
Let op bij twee banen, een verhuizing of de AOW-leeftijd
Twee banen of uitkeringen tegelijk
De loonheffingskorting mag maar bij één werkgever of uitkeringsinstantie lopen. Laat u de korting bij twee werkgevers tegelijk toepassen, dan is er te weinig belasting ingehouden en volgt een bijbetaling op uw aanslag. Laat u de korting bij niemand toepassen, dan betaalt u het jaar door te veel en moet u het via de aangifte terugvragen. Kies dus bewust bij welke werkgever de korting loopt.
Verhuizing van of naar het buitenland
Woont u niet het hele jaar in Nederland, dan wordt uw heffingskorting naar tijd herrekend. Een eerder aangevraagde voorlopige teruggaaf klopt dan vaak niet meer. Laat die in het jaar van verhuizing opnieuw bekijken.
Het jaar waarin u de AOW-leeftijd bereikt
In het jaar waarin u de AOW-leeftijd bereikt, verandert uw premieplicht en daarmee de opbouw van uw kortingen. Ook hier geldt: controleer of uw voorlopige teruggaaf nog klopt, zodat u achteraf niet hoeft bij te betalen.
Werken in Nederland en wonen over de grens
Woont u in het buitenland en werkt of onderneemt u in Nederland, dan krijgt u dezelfde kortingen als een inwoner alleen als u kwalificerend buitenlands belastingplichtige bent. De belangrijkste voorwaarde is dat u 90% of meer van uw inkomen in Nederland verdient en in de EU, de EER, Zwitserland of op de BES-eilanden woont. Sinds 1 januari 2026 is de inkomensverklaring van uw woonland geen harde voorwaarde meer; u mag ook op andere manieren aantonen dat u aan de eis voldoet. Zit u net onder de 90%, laat uw situatie dan beoordelen, want er lopen procedures die het strikte 90%-criterium ter discussie stellen.
Praktische checklist: zo benut u uw heffingskortingen
- Doe aangifte, ook als het niet hoeft. Heeft u maar een deel van het jaar gewerkt of geen korting laten toepassen, dan staat er vaak een teruggaaf klaar die u alleen via de aangifte ontvangt.
- Kijk vijf jaar terug. De jaren 2021 tot en met 2026 staan nog open. Controleer of u over eerdere jaren nog een teruggaaf kunt claimen, zolang er nog geen definitieve aanslag ligt.
- Vraag de combinatiekorting actief aan. Heeft u een kind onder de 12 jaar en werkt u met een lager inkomen dan uw partner? Deze korting zit niet in uw loon en loopt tot 3.032 euro.
- Laat de loonheffingskorting maar bij één werkgever lopen. Zo voorkomt u een bijbetaling bij twee banen of uitkeringen tegelijk.
- Verdeel slim met uw partner. Verdeel eigen woning, box 2, box 3 en aftrekposten zo dat beide partners hun kortingen benutten. De keuze mag elk jaar opnieuw.
- Herzie uw voorlopige teruggaaf bij een levensgebeurtenis. Bij verhuizing, de AOW-leeftijd of een nieuwe baan verandert uw korting; pas de voorlopige teruggaaf tijdig aan.
- Bewaar bewijsstukken. Denk aan UWV-stukken bij de jonggehandicaptenkorting en, bij wonen in het buitenland, aan bewijs van uw Nederlandse inkomen.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een heffingskorting en een aftrekpost?
Een aftrekpost verlaagt uw belastbare inkomen; het voordeel hangt af van uw tarief. Een heffingskorting verlaagt rechtstreeks uw belasting: één euro korting is altijd één euro minder betalen.
Krijg ik heffingskortingen automatisch?
Een deel wel, via uw loon. Maar de combinatiekorting en de korting groene beleggingen zitten niet in uw loon, en te veel ingehouden belasting wordt pas terugbetaald na een aangifte of voorlopige teruggaaf. Zonder actie loopt u die mis.
Ik heb weinig verdiend. Krijg ik dan alle korting?
Niet altijd. U krijgt nooit meer korting dan u aan belasting en premies betaalt. Bij een laag inkomen vervalt het deel dat u niet kunt benutten, tenzij de uitbetaling via uw partner mogelijk is.
Kan ik een gemiste korting nog terugvragen?
Ja, tot vijf jaar terug via een aangifte, zolang er over dat jaar nog geen definitieve aanslag ligt. Voor 2026 staan de jaren 2021 tot en met 2026 nog open.
Waarom moet ik bijbetalen terwijl ik korting heb?
Dat gebeurt meestal als u bij twee werkgevers tegelijk de loonheffingskorting liet toepassen. Er is dan te weinig belasting ingehouden en het verschil komt op uw aanslag.
Ik woon in het buitenland en werk in Nederland. Heb ik recht op de kortingen?
Alleen als u kwalificerend buitenlands belastingplichtige bent: kort gezegd, minstens 90% van uw inkomen in Nederland belast en wonend in de EU, EER, Zwitserland of op de BES-eilanden. Zit u er net onder, laat uw situatie dan beoordelen.
Hoe Taxcount u kan helpen
De regels rond heffingskortingen zijn eenvoudig in principe, maar de winst zit in de details: welke korting u misloopt, of een aangifte over een oud jaar nog loont, hoe u met uw partner verdeelt en hoe u een bijbetaling voorkomt. Taxcount rekent uw situatie door, controleert of er over de afgelopen vijf jaar nog een teruggaaf te halen is en zorgt dat u geen korting laat liggen. Voor ondernemers, DGA’s en grensarbeiders kijken we naar het samenspel met uw overige inkomsten. Wilt u weten of u alles uit uw heffingskortingen haalt? Laat uw situatie door Taxcount beoordelen.
Dit artikel bevat algemene informatie en is geen fiscaal advies. Tarieven, bedragen en drempels kunnen wijzigen en de uitkomst hangt af van uw persoonlijke situatie. Laat uw situatie daarom altijd door een adviseur beoordelen voordat u beslissingen neemt.