Verhuiskosten, dubbele huisvesting en privéauto voor ondernemers
Als ondernemer mag je veel zakelijke kosten van je winst aftrekken. Maar bij sommige kosten zet de wet bewust een rem: je mag ze maar beperkt aftrekken, óók al zijn ze zakelijk.
Die beperkingen staan in artikel 3.17 Wet inkomstenbelasting 2001. Dit artikel gaat vooral over:
- verhuiskosten (verhuizen voor je onderneming)
- dubbele huisvesting (twee woonplaatsen door je bedrijf)
- privévervoermiddelen (zoals je privéauto, motor of fiets)
- en het gebruik van privébezittingen in je onderneming
Het idee: deze uitgaven zijn deels zakelijk, maar hebben óók een privévoordeel. De wet beperkt daarom de aftrek met forfaits, termijnen en maxima.
1. Wanneer geldt artikel 3.17?
Artikel 3.17 hoort bij een rijtje aftrekbeperkingen (art. 3.14 t/m 3.17). Pas als duidelijk is dat een uitgave zakelijk is, kijk je of dit artikel de aftrek beperkt. Het gaat om:
- Ondernemers in de inkomstenbelasting (zzp, eenmanszaak, vof, maatschap, cv)
- Medegerechtigden (bijvoorbeeld stille vennoten)
- Resultaatgenieters (inkomsten uit overige werkzaamheden)
Het artikel geldt niet voor BV’s en NV’s (vennootschapsbelasting).
2. Verhuiskosten ondernemer – wat is aftrekbaar?
2.1. Verhuizen voor je onderneming
Artikel 3.17 beperkt de aftrek van verhuiskosten naar een andere woonruimte. Het gaat om verhuizingen die een zakelijk tintje hebben, bijvoorbeeld:
- je onderneming verhuist naar een andere plaats en jij verhuist mee
- je gaat dichter bij je bedrijf wonen om je werk goed te kunnen doen
- je begint je onderneming op een nieuwe locatie en verhuist daarom
Belangrijk: eerst moet duidelijk zijn dat de verhuizing zakelijk noodzakelijk of in elk geval zakelijk verdedigbaar is. Als je puur privé groter of mooier wilt wonen, is er géén aftrek.
2.2. Hoeveel verhuiskosten mag je aftrekken?
Bij een zakelijke verhuizing zijn twee soorten kosten relevant:
- Kosten van het overbrengen van de inboedel
- verhuisbedrijf, huur busje, tijdelijke opslag
- als de verhuizing zakelijk is, zijn deze kosten volledig aftrekbaar.
- Overige verhuiskosten
- denk aan herinrichting, schilderwerk, aansluiten nutsvoorzieningen, schoonmaak
- hiervoor geldt een forfaitair maximumbedrag.
- de wet gaat ervan uit dat je altijd zulke extra kosten hebt; je hoeft ze niet één voor één te bewijzen.
De wet hanteert dus:
werkelijke kosten van de verhuizing van je inboedel + een vast (forfaitair) bedrag aan overige verhuiskosten.
2.3. Verhuiskosten per verhuizing, per huishouden, per ondernemer
Een paar belangrijke nuances:
- De aftrek geldt per verhuizing.
- Verhuis je eerst naar een tijdelijke woning en daarna naar je definitieve woning?
→ Fiscaal wordt dat gezien als één verhuizing: je hebt dus maar één keer recht op het forfait voor beide verhuizingen samen. - Wonen jij en je partner samen en zijn jullie beiden ondernemer?
→ Dan geldt de verhuiskosten‑aftrek maar één keer per huishouden, niet dubbel. - Heb je meerdere ondernemingen (bijvoorbeeld een eenmanszaak én een maatschap)?
→ Dan mag je de (maximaal toegestane) verhuiskosten maar bij één onderneming in aftrek brengen.
3. Wanneer is een verhuizing “in het kader van de onderneming”?
De vraag of een verhuizing zakelijk is, geeft in de praktijk veel discussie. Daarom is er een ministeriële regeling met een soort “automatische ja‑check”.
3.1. Onweerlegbaar vermoeden: afstand ≥ 25 km én 60% ingekort
Volgens die regeling geldt:
Je bent in elk geval in het kader van de onderneming verhuisd als:
- de afstand tussen woning en bedrijf vóór de verhuizing minstens 25 km was, én
- je binnen twee jaar na verplaatsing van de onderneming verhuist, én
- de afstand tussen woning en bedrijf door de verhuizing met minimaal 60% wordt verkleind.
Voorbeeld:
- Voor verhuizing: 80 km van woning naar bedrijf
- Na verhuizing: 30 km
- Verkorting: 50 km = 62,5% → zakelijk verhuismotief wordt automatisch aangenomen.
In andere situaties kan de verhuizing óók zakelijk zijn, maar dan moet je dat zelf aannemelijk maken (bijvoorbeeld om gezondheidsredenen, of omdat je anders het werk niet praktisch kunt doen).
4. Dubbele huisvesting: twee woonplekken door je bedrijf
Soms ga je (nog) niet meteen verhuizen, maar heb je tijdelijk twee woonplekken:
- je eigen woning (waar je gezin blijft wonen)
- én een tweede woning / appartement / hotel / stacaravan in de buurt van je onderneming
Artikel 3.17 beperkt ook de aftrek van deze extra huisvestingskosten buiten je woonplaats.
4.1. Welke kosten vallen hieronder?
Het gaat bijvoorbeeld om:
- huur van een tweede woning/appartement
- hotelovernachtingen op vaste basis (bijvoorbeeld 2–3 nachten per week in hetzelfde hotel)
- bijkomende kosten die direct samenhangen met die tweede huisvesting
Voorwaarde: de kosten moeten zakelijk zijn – bijvoorbeeld omdat de afstand tussen je woonhuis en onderneming anders niet werkbaar is.
4.2. Maximale duur: 24 maanden
De extra huisvestingskosten zijn fiscaal aftrekbaar voor maximaal 24 maanden. Daarna ziet de wet de kosten als privé (je kiest er dan in feite voor om structureel twee woonplaatsen te hebben).
Belangrijk:
- Die termijn van 24 maanden geldt per situatie van dubbele huisvesting.
- Ontstaan de dubbele woonlasten al vóórdat je officieel ondernemer wordt? Dan kan de 24‑maandentermijn in de praktijk gaan lopen vanaf de start van de onderneming.
Ook hier geldt weer: heb je meerdere ondernemingen, dan tel je de kosten bij elkaar op en mag je de aftrek maar één keer claimen in je totaalwinst.
5. Privéauto, motor, fiets: kilometervergoeding voor ondernemers
Artikel 3.17 bevat ook een belangrijke beperking voor privévervoermiddelen: de auto, motor of fiets die tot je privévermogen behoort en die je zakelijk gebruikt.
5.1. Hoofdregel: vaste kilometervergoeding
Gebruik je je privéauto (of motor/fiets) voor zakelijke ritten? Dan mag je de kosten niet onbeperkt op de winst zetten. De wet zegt:
je mag per zakelijke kilometer een forfaitair bedrag in aftrek brengen, ongeacht de werkelijke kosten.
Dit bedrag sluit aan bij de maximale onbelaste reiskostenvergoeding in de loonbelasting (bijvoorbeeld € 0,23 per km in recente jaren). Het geldt voor alle vervoermiddelen: auto, motor, scooter, fiets.
Belangrijke gevolgen:
- heb je hoge werkelijke kosten (afschrijving, onderhoud, verzekering)? → tóch maximaal het forfait per km
- zijn je werkelijke kosten lager dan het forfait? → dan is het forfait vaak juist gunstig
5.2. Wie rijdt maakt niet uit
De beperking geldt voor het vervoermiddel, niet voor wie er rijdt. Dus ook als:
- je medewerker in jouw privéauto rijdt voor de onderneming, of
- je partner of kind rijdt in jouw privéauto voor zakelijke doeleinden
…dan blijft de aftrek gebonden aan de kilometervergoeding, zolang de auto tot jouw privévermogen behoort.
6. Privébezittingen zakelijk gebruiken
Artikel 3.17 kijkt niet alleen naar vervoermiddelen, maar ook naar andere privébezittingen die je zakelijk inzet – denk aan:
- een privéboot die je incidenteel zakelijk gebruikt
- een privévakantiewoning die je deels verhuurt aan je eigen onderneming
- andere roerende zaken die in box 3 zitten
In dat geval geldt vaak:
De aftrek is beperkt tot maximaal het voordeel in box 3 (het fictieve rendement).
In de praktijk komt dat vaak neer op geen of nauwelijks aftrek, omdat het voordeel box 3 al laag of nihil is.
Zo voorkomt de wet dat je via je onderneming allerlei privébezittingen “leeg trekt” met hoge aftrek van kosten.
7. Eén ondernemer, meerdere ondernemingen
Heb je meerdere activiteiten, bijvoorbeeld:
- een eenmanszaak én een vof
- meerdere eenmanszaken
- onderneming + resultaat uit overige werkzaamheden
…dan mag je de beperkt aftrekbare kosten (verhuiskosten, dubbele huisvesting, privévervoer) niet dubbel claimen.
Artikel 3.17 zegt dat deze kosten voor al je activiteiten samen maar één keer in aanmerking mogen worden genomen. Jij kiest bij welke onderneming je de aftrek boekt.
8. Praktische voorbeelden voor ondernemers
Voorbeeld 1 – Verhuizing voor de onderneming
Je salon verhuist van Arnhem naar Utrecht. Jij verhuist met je gezin mee.
- Kosten verhuisbedrijf: € 2.500
- Overige kosten (schilderen, behang, aansluitkosten): in werkelijkheid € 6.000
Fiscale behandeling (vereenvoudigd):
- kosten verhuisbedrijf: volledig aftrekbaar
- overige kosten: aftrekbaar tot het forfaitaire maximum (ongeacht of je € 3.000 of € 10.000 uitgeeft)
Is de verhuizing deels privé (je wilde ook groter wonen, betere buurt)? Dan blijft het zakelijk karakter vaak overeind, maar het forfait dekt meteen het privédeel af.
Voorbeeld 2 – Dubbele huisvesting
Je woont met je gezin in Groningen, maar start een praktijk in Eindhoven.
De afstand is niet werkbaar, dus je huurt daar een appartement voor 3 dagen per week.
- Huur appartement: € 900 per maand
- Looptijd dubbele huisvesting: 20 maanden
De extra woonlasten in Eindhoven mogen tot maximaal 24 maanden in de winst worden opgenomen. Daarna worden ze als privé gezien.
Voorbeeld 3 – Privéauto zakelijk gebruiken
Je rijdt 18.000 zakelijke kilometers per jaar met je privéauto.
- Je mag voor die kilometers een bedrag per km in aftrek brengen (het fiscaal toegestane tarief).
- Je werkelijke kosten (afschrijving, brandstof, onderhoud) kunnen hoger of lager zijn – dat maakt voor de aftrek niet uit.
Wil je méér aftrekken dan het forfait, dan moet je doorgaans overwegen de auto tot het ondernemingsvermogen te rekenen. Dat heeft weer andere gevolgen (bijtelling privégebruik, btw, et cetera).
9. Veelgemaakte fouten in de praktijk
Een greep uit wat wij bij ondernemers regelmatig zien:
- Verhuizing om privéredenen (bijv. groter huis, tweede kind) tóch als zakelijke verhuizing opvoeren.
- Dubbele huisvesting langer dan 24 maanden blijven aftrekken.
- Naast de forfaitaire verhuiskosten óók nog losse kosten (zoals bezichtigingen, extra reiskosten) apart opvoeren.
- Met de privéauto zowel het volledige kostenplaatje boeken als de kilometervergoeding hanteren.
- Privébezittingen zakelijk gebruiken en alle kosten aftrekken, terwijl art. 3.17 hier een harde grens zet.
10. Hoe helpt Taxcount?
De regels van artikel 3.17 zijn technisch, maar de impact is heel concreet:
- Te véél aftrekken → risico op correcties, rente en soms boetes.
- Te weinig aftrekken → je betaalt onnodig veel belasting.
We helpen je om:
- te bepalen of een verhuizing of dubbele huisvesting fiscaal zakelijk en aftrekbaar is
- de juiste kilometerkeuze te maken (privéauto of zakelijke auto)
- privébezittingen op de fiscaal meest gunstige manier te gebruiken
- je administratie zo in te richten dat je bij een controle sterk staat
Wil je weten welke kosten jij wél en niet mag aftrekken onder artikel 3.17? Plan een afspraak via taxcount.nl of neem direct contact met ons op.
Wij vertalen de fiscale regels naar heldere keuzes voor jouw onderneming, zodat jij met een gerust hart verder kunt bouwen aan je bedrijf.